UDI’19 Vrouwen 1 halverwege: wennen, blessures en weer vooruitkijken
UDI'19 Vrouwen 1 sloot de eerste seizoenshelft af met een derde plaats in de competitie. Assistent trainer Jean-Paul Van den Akker ziet vele positieve ontwikkelingen in het team, maar denkt ook dat er meer in zit na de winter.
"De eerste seizoenshelft was bewogen, er is het nodige gebeurd. In momenten presteerden we boven verwachtingen, maar het begin van het seizoen was wennen met een nieuwe spelopvatting", zegt Van den Akker. "Uiteindelijk kozen we ervoor om terug te vallen op het spelprincipe dat de dames kenden en waar ze zich prettig bij voelden."
Ook wijst de trainer op vele blessures in de eerste helft van het seizoen. "Maar gelukkig komen er nu de nodige speelsters terug, net als Maud van Duuren uit de Verenigde Staten. We hebben een modus gevonden om de tweede seizoenshelft in te gaan."
Wat ging er goed in de eerste seizoenshelft?
"De meiden nemen steeds meer hun eigen verantwoording in het veld, er is groei. We zijn steeds meer een team aan het worden. Dat merk je aan de keuzes die op het veld gemaakt worden en aan de intensiteit die ze in trainingen en wedstrijden leggen. Daar zijn we als begeleiding heel blij mee."
Wat sprong er in positieve zin uit?
"De laatste competitiewedstrijd voor de winter, tegen koploper Nuenen. Die wonnen we met 8-0 en zijn de wedstrijden waar je het voor doet. Alles viel toen op zijn plek. De eerste wedstrijd van het seizoen verloren we met 7-4 tegen promovendus Hoogland. Dat was onderschatting. We zeiden toen tegen elkaar: dat gebeurt één keer en daarna niet meer. En zo geschiedde."

Volg UDI'19 Vrouwen 1 op Instagram: @udivrouwen1
Waar zitten verbeterpunten?
"Kijkend naar de stand: waar we staan. We hadden hoger willen en gevoelsmatig moeten staan. Dat was ook de doelstelling. Ook moeten we ons verbeteren in het belangrijkste dat er is in het voetbal: scoren. Dan praat ik over de hele groep. We creëren veel mogelijkheden en zijn dominant op de helft van de tegenstander, maar het rendement moet hoger in het afmaken van de kansen. We willen daarnaast consistenter worden in teamdiscipline: we moeten meer van elkaar gaan eisen. Als we dat kunnen, kunnen er mooie dingen gebeuren."
Hoe gaan jullie dat doen?
"Door intensiever te werken met de camera waarmee we beelden kunnen terugkijken. Daar halen de meiden, die visueel zijn ingesteld, veel uit. Ook gaat de intensiteit op training omhoog. Nu veel speelsters terugkomen van blessures, wordt ook de interne strijd binnen het team groter. Als de trainingsarbeid niet voldoende is, is je speeltijd op zondag gering. We spelen ook oefenwedstrijden tegen tegenstanders van een hoger niveau. Daar worden we beter van. Maar ook door elkaar verantwoordelijk te maken, eisen stellen aan elkaar dat bepaalde momenten een andere keuze vragen. Kortom: samen leren en groeien."
Los van het voetbal: hoe staat het met jullie teamgevoel?
"Goed. Bij clubavonden blijft een groot deel van de selectie gezellig zitten, net als op zondagen na wedstrijden. We organiseren ook zelf activiteiten met andere vrouwenteams, die zijn altijd leuk. In de winterstop zijn een aantal speelsters samen naar Uden on Ice gegaan, sommigen zijn de laatste jaren vrienden van elkaar geworden. Ze zijn er ook voor elkaar als er persoonlijke dingen gebeuren, dan sturen ze kaartjes of gaan ze bij elkaar langs. Ze halen het beste in elkaar naar boven en dat is uiterst belangrijk. Als de sfeer goed is, ga je ook beter voetballen."
Wanneer zijn jullie aan het eind van het seizoen tevreden?
"Aan het begin van het seizoen was de doelstelling om minimaal een periode te winnen en nacompetitie te halen. Maar het mooiste zou zijn om direct te promoveren. We willen kampioen worden en we zijn ervan overtuigd dat dat kan. We willen toonaangevend zijn voor dames in de regio en daardoor dus spelen in de Topklasse."
Wat wens je verder nog voor de tweede seizoenshelft?
"Dat er meer publiek komt bij onze wedstrijden. Kom eens kijken! De mensen die er al wekelijks zijn, wil ik graag bedanken. Maar als je ziet wat de meiden er allemaal voor doen, verdienen ze meer aandacht dan dat ze nu krijgen."




































































































